Kenniscentrum Derustit

Informatie omtrent oppervlaktetechniek
In het kenniscentrum van Derustit oppervlaktetechniek is meer informatie te lezen over diverse aanleidingen, de verschillende staaltypen en de verschillende oppervlaktebehandelingen.

FAQ

  • Martensitisch roestvast staal

    Algemeen Martensitisch RVS

    Het type 410 wordt het meest gebruikt, soms voor de verwerking van chemicaliën, maar vanwege zijn lagere chroomgehalte en hogere koolstofgehalte, is zijn corrosieweerstand wezenlijk lager dan die van bijvoorbeeld 304. Verder maken de typen 403 en 420 deel uit van deze staalgroep. Hoewel niet strikt een roestvast staal wordt 9Cr-1Mo toch tot deze groep gerekend.

     

    Warmtebehandeling

    Martensitisch roestvast staal wordt in het algemeen in de afgeschrikte en ontlaten, of genormaliseerde toestand met een maximum hardheid van 22 of 23 HRC in sour service gebruikt, al naar gelang de legering en de geldende specificaties. Sommige van deze legeringen zoals 410 en 420, hebben last van scheuren tijdens afschrikken, afschrikken in olie, een polymeer of lucht is dan de remedie. Dubbel ontlaten wordt wel uitgevoerd om het martensietgehalte in 410, CA6NM en F6NM tot een minimum te beperken. Dubbel ontlaten geeft geen verbetering te zien van de weerstand tegen sulfidescheuring van buisvormige producten gemaakt van 420 en wordt daarom niet gebruikt en evenmin voor buisvormige producten of smeedstukken gemaakt van 9Cr-1Mo. In geval van een lager chroom- en een hoger koolstofgehalte is het mogelijk om roestvast staal te maken dat hardbaar is door middel van warmtebehandeling. Zulk staal wordt gewoonlijk geselecteerd als er zeer goede sterkte wordt geëist.

     

    Mechanische eigenschappen

    Vanwege de maximum hardheid van 22 of 23 HRC die bij deze legeringen wordt gehanteerd, worden ze in het algemeen gespecificeerd tot een maximum rekgrens van 650 tot700 MPa. Buisvormige producten voor sour service worden in het algemeen gespecificeerd aan de hand van API Specificatiën 5CT, of volgens het L-80 sterkte niveau. Voor smeedstukken en gietstukken wordt een maximum hardheid aangehouden van 22 HRC. Hogere sterktes zijn mogelijk in geval van sweet service, maar de corrosieweerstand en taaiheid kunnen nadelig worden beïnvloed door deze hogere sterkte. De uitsluitend chroomhoudende martensitische roestvast-staaltypen kunnen bestand zijn tegen door chloride geïnduceerde scheurvormende spanningscorrosie, maar in volledig geharde toestand zijn ze hiervoor zeker gevoelig.

     

    Bewerking Martensitisch RVS

    Omdat ze hardbaar zijn, vereisen deze legeringen uiterste zorg bij het lassen. Buisvormige producten worden doorgaans niet gelast. Als er wordt gelast, dan zijn hoge voorwarmtemperaturen vereist voor type 410 en na het lassen moet er weer een ontlaatbehandeling plaatsvinden conform de gespecificeerde maximum sterkte en hardheid. Buisvormige producten vereisen doorgaans een anti-vreetbehandeling van het draad. Verschillen in mechanische eigenschappen tussen giet- en smeedproducten kunnen aanzienlijk zijn. Gevoeligheid voor scheurvormende spanningscorrosie in agressieve milieus kan variëren tussen legeringen die zijn gefabriceerd via verschillende processen. Chemische samenstelling, afschrikefficiëntie, warmtebehandelingstijden en -temperatuur en uiteindelijke vormgevingsbewerkingen, die van invloed zijn op de microstructuur, kunnen van invloed zijn op de scheuringweerstand.

     

    Opmerkingen

    Hoge sterkteniveaus die rekgrenswaarden van 650 of 700 MPa te boven gaan verhogen de gevoeligheid voor scheurvormende spanningscorrosie aanzienlijk. De sterkte bij lage temperatuur van gelaste werkstukken kan gering zijn. De sterkte bij lage temperatuur van niet-nikkelhoudende giet- en smeedstukken kan eveneens laag zijn.

  • Percipitatiehardend roestvast staal

    Algemeen

    Precipiterend roestvast staal verschilt in samenstelling en microstructuur sterk van de andere roestvast-staalsoorten. Er zijn 3 basistypen: martensitisch, semi-austenitischen, austenitisch precipiterend roestvast staal. De legeringtypen worden aangeduid door de microstructurele respons op afkoeling vanaf de temperatuur waarbij de structuur volledig austenitisch is en die wordt bepaald door de chemische samenstelling. De neiging tot precipitatieharding van deze legeringen wordt bepaald door toevoeging van elementen die een afnemende oplosbaarheid vertonen bij dalende temperatuur. Deze elementen (Cu, Al, Ti, Mo en Nb) bevorderen uitscheiding van een afzonderlijke fase tijdens warmtebehandeling, die zorgt voor versteviging tezamen met enige martensiettransformatie.

    Martensitisch precipiatiehardend roestvast staal, en dan vooral type 630, gaat tijdens afkoeling van de oplosgloeitemperatuur over in martensiet bij temperaturen boven kamertemperatuur. Aangezien deze legeringen martensitisch zijn bij kamertemperatuur, bezitten ze betrekkelijk harde structuren. Semi-austenitisch precipitatiehardend roestvast staal gaat pas beneden kamertemperatuur geheel over in martensiet. Martensiet wordt gevormd door:

    • een koelingcyclus;
    • koudvervorming;
    • een thermische cyclus met carbiduitscheiding die de transformatietemperatuur tot boven kamertemperatuur tilt, waardoor tijdens koeling martensiet ontstaat;
    • een combinatie van voornoemde behandelingen.

    Austenitisch precipitatiehardend roestvast staal ondergaat geen martensiettransformatie. Het belangrijkste kenmerk van dit staal is dat ze via warmtebehandeling bepaalde mechanische eigenschappen kunnen verkrijgen die veel beter zijn dan die van austenitisch roestvast staal en waarbij hun algemene niveau van corrosieweerstand behouden blijft dat aanzienlijk beter is dan dat van chroomhoudend martensitisch roestvast staal. Deze staalgroep kan worden geleverd in de vorm van smeed- en gietstukken, dikke en dunne plaat en staf. Het staal is goed lasbaar en vervormbaar voordat precipitatieharding plaatsvindt.

     

    Warmtebehandeling

    Een kenmerkende warmtebehandeling is de volgende: koelen in lucht van 1000°C, 2 uur verblijf op 750°C en tenslotte 4 uur op 450°C.

     

    Martensitisch precipiterend roestvast staal wordt in het algemeen gebruikt in de oplosgegloeide en precipitatiegeharde toestand. Oplosgloeitemperaturen en de afkoelsnelheid worden nauwkeurig gecontroleerd om de juiste martensiettransformatie te bevorderen en de microstructuur voor te bereiden voor optimale respons op de uitscheidingsharding. Het staal wordt dan in een keer of via een aantal cycli thermisch behandeld, waarbij de tijd en temperatuur worden gecontroleerd om te komen tot gelijktijdige uitscheidingsharding en ontlaten van de martensiet.

     

    Semi-austenitisch precipiterend roestvast staal wordt doorgaans gebruikt in de oplosgegloeide en uitscheidingsgeharde toestand of in de oplosgegloeide , koudbewerkte en uitscheidingsgeharde toestand.

     

    Oplosgloeitemperaturen en de afkoelsnelheden worden gecontroleerd om de microstructuur klaar te maken voor optimale respons op de precipitatieharding. De martensiettransformatie vindt plaats door middel van een diepkoelcyclus, waarbij temperatuur en tijd worden gecontroleerd, een gecontroleerde koudvervormingscyclus, een temperatuurgecontroleerde carbideuitscheidingscyclus gevolgd door een gecontroleerde afkoeling, of een combinatie van deze behandelingen. Het staal wordt dan in een keer of via een aantal cycli thermisch behandeld, waarbij de tijd en temperatuur worden beheerst om te komen tot gelijktijdige uitscheidingsharding en ontlaten van eventuele martensiet.

     

    Austenitisch precipitatiehardend roestvast staal wordt in het algemeen gebruikt in de oplosgegloeide en precipitatiegeharde toestand. Oplosgloeitemperaturen en de afkoelsnelheid worden gecontroleerd om de microstructuur voor te bereiden voor optimale respons op de uitscheidingsharding. Het staal wordt dan in een keer of via een aantal cycli thermisch behandeld, waarbij de tijd en temperatuur worden gecontroleerd om te komen tot uitscheidingsharding.

     

    Mechanische eigenschappen

    Er kan een breed scala aan mechanische eigenschappen worden geproduceerd door middel van verschillende warmtebehandelingen van elke legering. De voornoemde kenmerkende warmtebehandelingen geven mechanische eigenschappen in de orde van grootte van: 0,2 rekgrens 1080 MPa, treksterkte 1235 MPa, rek 10% en hardheid 400 DHN

  • Beitsen & passiveren

    Roestvaststaal roest niet !!! Mooi gezegd, maar helaas niet waar. Roest vast staal roest wel degelijk. Door lassen, buigen, zetten of door invloeden van buitenaf ( waaronder ook ijzercontaminatie) worden de corrosiebestendige eigenschappen van het gebruikte RVS in meer of mindere mate negatief beïnvloed. Hierdoor verliest het RVS haar waarde als gebruiksvriendelijk en onderhoudsarm materiaal en zal kan zij niet meer beantwoorde aan de hoge eisen die hieraan gesteld worden.

    Door de juiste chemische behandeling ( beitsen en passiveren) wordt de verstoorde chroom-ijzer- oxide huid weer hersteld en wordt het RVS weer in goede conditie gebracht. Daarmee is het evenwicht hersteld en kunnen de producten onverminderd ingezet worden in de diverse processen en toepassingen. Daarmee is een uitstekende uitgangspositie gecreëerd om aan de doorgaans zeer hoge verwachtingen welke men van dit materiaal heeft , te kunnen voldoen.

  • Electrolytisch polijsten

    Het electrolytisch polijstproces is specifiek ontwikkeld voor die omstandigheden waarin er extra hoge eisen aan het RVS oppervlak gesteld worden in termen van reinigbaarheid en metallische zuiverheid. Middels electrolyse komen de positieve effecten van de meer “edele” legeringelementen chroom en nikkel, i.c. het effect hiervan, in de RVS toplaag nog meer tot hun recht.

    Tijdens het proces wordt het materiaal ontbraamd in het micro- en macrobereik, waardoor de aanhechtingscoëfficiënt feitelijk tot nul gereduceerd wordt. Naast een sterk verbeterd zelfreinigend vermogen, betekent dit doorgaans, onder gelijkblijvende omstandigheden, een vermindering van de aanvankelijk benodigde reinigingstijd met 85%. Electrolytisch polijsten is daarmee een zeer verantwoorde investering welke zondermeer leidt tot procesverbetering en tot verbetering van het resultaat.

     

  • Slijpen & polijsten

    Handmatig slijpen en polijsten van RVS behoort tot een van de meer lastigste disciplines binnen de oppervlaktetechniek van RVS Het slijpen van lasnaden en materialen gebeurt doorgaans op specificatie en wordt uitgedrukt in korrelgrofte dan wel in RA- waarde in Um’s. De slijpbewerking kan uitgevoerd worden als zijnde eindbewerking of als voorbewerking van het eerder genoemde electrolytisch polijsten.

    In beide gevallen is het vakmanschap van de uitvoerend medewerker in sterke mate bepalend voor het eindresultaat. Met name ook komt dit tot uiting in het eindresultaat bij het superhoogglans polijsten- het zogenaamde Mirror 8, waarmee een krasvrij en zeer spiegelend oppervlak bedoeld wordt. Historisch gezien is Derustit Holland sterk verweven met deze discipline en zij beschikt naast een uitstekend geoutilleerde slijpafdeling over een aantal zeer ervaren RVS- slijpers. Hiermee beantwoord Derustit Holland in ruime mate aan de steeds strengere eisen die ook heden ten dage nog steeds op dit gebied aan het RVS gesteld worden.

  • Conditioneren & Onderhoud

    In tegenstelling to wat men veelal denkt, is roestvaststaal zeker niet onderhoudsvrij. Dit is een relatief begrip, roestvaststaal is onderhoudsarm en dat is dus niet onderhoudsvrij. Problemen van diverse aard worden veroorzaakt door zogenaamde “omgevingsfactoren”. RVS op zich kan niet corroderen, maar door deze omgevingsfactoren kan wel oxidatie veroorzaakt worden. RVS laat zich echter goed conditioneren. Met behulp van meer traditionele reinigingtechnieken als zijnde chemisch reinigen en mechanisch bewerken worden deze werkzaamheden op locatie uitgevoerd. Hiermee worden RVS installaties en -leidingsystemen teruggebracht in hun oorspronkelijke, lees: roestvaste – conditie. De werkzaamheden worden uitgevoerd door deskundig geschoold personeel met in achtneming van de geldende veiligheidsvoorschriften en milieurichtlijnen. Ongewenste effecten op mens en omgeving worden daarmee voorkomen. Hiermee kan op een veilige en verantwoorde wijze beantwoord kan worden aan de ook hier onverminderd groter wordende vraag naar kwaliteit van het eindproduct en aan de hoge eisen die aan de benodigde productie faciliteiten gesteld worden.

     

    Praktijkvoorbeeld:

    de volgende foto's zijn typerend voor hetgeen wij op regelmatige basis in de praktijk tegenkomen als gevolg van verkeerde materiaalkeuze, verkeerde oppervlaktetechniek of gebrek aan onderhoud.

    Dit typerende verschijnsel is de zgn. "tea staining" : vlekvorming door omgevingsfactoren, welke op den duur kan uitmonden in pitting (zware vorm van corrosie). Om het risico op staining tot een minmum te beperken dient de materiaalkeuze geschikt te zijn voor de toepassing (in dit voorbeeld minimaal RVS 316) het oppervlak zo glad mogelijk te zijn. Er is voor dit project gekozen voor RVS316 met een machinale slijpbewerking Korrel 320, in de praktijk blijkt hier evenwel dat het oppervlak te ruw is waardoor er vuil aan kan hechten. De hekwerken opnemen in een regulier onderghoudsprogramma kan een groot deel van het probleem ondervangen, het aanwezige vuil wordt dan met regelmaat verwijderd. Immers RVS heeft zuurstof nodig om in conditie te blijven. Vuil sluit deze toevoer aan zuurstof af. Een meer efficiënte en duurzame bewerking voor deze hekwerken is elektrolytisch polijsten, het oppervlak wordt dermate glad dat vuil nagenoeg geen grip meer heeft. Daarnaast is een vervuild elektrolytisch gepolijst oppervlak eenvoudig met een zachte zeepoplossing te reinigen.

    Cijfers wijzen uit dat een elektrolytisch gepolijst oppervlak tot 85% besparing op onderhoudskosten geeft.


    Voorbeelden van elektrolytisch gepolijste hekwerken:

  • Kenmerkende eigenschappen en toepassingen van een aantal roestvast staaltypen

      AISI
     DIN (oud)
     Euronorm

    Karakteristieken 

     Toepassingen

    Austenitische typen
     301
     1.4310
    1.4310
    Wordt toegepast onder licht corrosieve omstandigheden. Er kunnen hoge treksterkten en taaiheid worden verkregen door matige tot sterke koudvervorming. Spoorwagons;carroseridelen voor vrachtwagens; vliegtuigonderdelen; bevestigingsmiddelen; wieldoppen en versiering van personenauto's.
     303
     1.4305
     
    Er is zwavel toegevoegd ter verbetering van de verspaanbaarheid. Minder corrosievast dan de andere typen uit de 300 reeks. Na lassen moet worden zachtgegloeid. Bezit goede oxidatieweerstand tot 925°C. Draadsnijproducten; assen; kleppen; bouten en moeren; lagerbussen.
     304
     1.4301
    1.4301
    Voor algemene doeleinden. Redelijk corrosievast. In zachtgegloeide toestand niet-magnetisch, in koudvervormde toestand zwak magnetisch. Minder gevoelig voor uitscheiding van chroomcarbiden tijdens lassen. Chemische en voedings/genotmiddelenindustrie; cryogene apparatuur; afvoergoten.
     304L
     1.4306
    1.4306
    Laag-koolstofhoudende variant van 304. Ligt tussen de niet-gestabiliseerde en de gestabiliseerde typen wat betreft de neiging tot uitscheiding van chroomcarbiden. Wordt op grote schaal toegepast voor laswerk, in het bijzonder als naderhand geen gloeibehandeling kan volgen. Gebruikstemperatuur mag niet hoger zijn dan 425°C. Harding is alleen mogelijk door middel van koudvervormen. Warmtebehandeling beperkt zich tot: zachtgloeien na koudvervormen voor optimale corrosievastheid, zachtheid en taaiheid of spanningsarmgloeien om inwendige spanningen die optreden na afschrikken in water, te verwijderen. Chemische en voedings/genotmiddelenindustrie; cryogene apparatuur; afvoergoten.
     305
     1.4303
    1.4303
    Vertoont minder harding als gevolg van koudvervormen dan 304. De veranderingen in de magnetische permeabiliteit zijn niet erg uitgesproken. Chemische en voedings/genotmiddelenindustrie; cryogene apparatuur; afvoergoten.
     308
    1.4303
     
    Corrsievastheid en oxidatievastheid zijn beter dan die van 304. In zachtgegloeide toestand niet-magnetisch. In koudvervormde toestand zwak magnetisch. Laselektrodemetaal waar opmengingsverliezen moeetn worden gecompenseerd; industriele ovens.
     309
    1.4828
     
    Bezit goede mechanische sterkte bij hoge temperatuur en goede weerstand tegen scalevorming. Verwarmingselementen; warmtebehandelingsapparatuur; warmtewisselaars; ovenbekleding; pomponderdelen.
     309S
     1.4833
    1.4833
    Laag koolstofhoudende variant van 309 voor laswerk.  
     310
     1.4841
     
    Bezit hogere weerstand tegen corrosie en tegen oxidatie dan 309. Zeer taai en goed lasbaar. Warmtewisselaars; ovenonderdelen; verbrandingskamers; laselektrodes; gasturnineonderdelen; vuilverbranders; recuperatoren; rollen voor doorloopovens.
     310S
    1.4845
    1.4845
    Laag koolstofhoudende variant van 309 voor laswerk.  
     314
     1.4841
     
    Van alle Cr-Ni staalsoorten bezit dit type de beste hittevastheid. Is volledig niet-magnetisch. Bij langdurig blootstellen aan temperaturen tussen 650° en 815°C treedt er verbrossing op. Verbrossing manifesteert zich bij kamertemperatuur en kan worden verholpen door 1 tot 2 uur gloeien op 980-1040°C.  
     316
     1.4401
    1.4401
    Superieure corrosieweerstand ten opzichte van de meeste andere Cr-Ni staalsoorten, in tal van chloridehoudende corrosieve milieus. Zeer goede kruipsterkte bij hoge temperaturen. Zeer goed bestand tegen corrosie door zwavelzuur. Apparatuur voor de chemische en petrochemische industrie; pulp- en papierindustrie; farmaceutische en biotechnische industrie; voedings- en genotmiddelenindustrie.
     316L
     1.4404
    1.4404
    Laag koolstofhoudende variant van 316 voor laswerk.  
     317
     1.4449
     
    Bezit hogere corrosieweerstand en kruipsterkte dan 316. Apparatuur voor de vervaardiging van kleurstoffen en inkt.
     317L
     1.4438
     
    Laag koolstofhoudende variant van 317 voor laswerk.  
     321

    1.4541

    1.4878

     
    Dit type is gestabiliseerd door toevoeging van titaan en is derhalve immuun voor uitscheiding van chroomcarbiden en het daarmee gepaard gaande nadelige effect op de corrosieweerstand. Aanbevolen voor toepassingen waarbij wordt gelast en waar naderhand niet kan worden gegloeid. Voorts aanbevolen voor gebruik in het temperatuursgebied 425-900°C. Niet aan te bevelen voor decoratieve doeleinden. Alleen hardbaar door koudvervormen. Ter verhoging van de corrosieweerstand dient er stabiliserend te worden gegloeid op 870°C als aanvulling op het zacht- en/of spanningsarmgloeien. Uitlaatspruitstukken van vliegtuigmotoren; ketels; procesappartuur; expansiestukken; flexibele koppelingen; brandwerende wanden; drukvaten.
     347
     1.4550
     
    Dit type is gestabiliseerd door toevoeging van niobium en tantaal. Zie verder onder 321. Stabiliserend gloeien op 870°C is hoogst zelden nodig. Alleen hardbaar door koudvervormen. Uitlaatpijpen van vliegtuigmotoren en -turbines; gelaste chemicalientanks voor wegtransport; onderdelen van straalmotoren.
     348
     1.4546
     
    Als 347, alleen is het tantaalgehalte beperkt tot maximaal 0,10% en het niobiumgehalte tot maximaal 0,20%. Uitsluitend hardbaar door koudvervormen. Wordt daar toegepast, waar deze beperking van het Ta en Nb gehalte is vereist, zoals in radioactieve omstandigheden.  
     Ferritische typen
     405
     1.4002
     
    Kan vanaf hoge temperatuur worden afgekoeld zonder dat er harding van enige betekenis optreedt. Ongevoelig voor hardingsscheuren tijdens lassen. Taai en goed verspaanbaar. Manden en rekken voor warmtebehandeling; oxidatievaste onderdelen.
     409
     1.4512
     
    Voor algemene doeleinden, vooral daar, waar uiterlijk ondergeschikt is aan mechanische eigenschappen en corrosieweerstand. Uitlaatsystemen voor auto's; tanks voor landbouwvergiften; transformatorhuisjes.
     430
     1.4016
     
    Niet-hardbaar type voor algemene doeleinden. Bezit betere corrosieweerstand en hittevastheid dan 410, Sierdelen; tanks voor salpeetrzuur; manden voor zachtgloeiovens; verbrandingskamers; vaatwasmachines; verwarmingselementen; recuperatoren; horeca-apparatuur.
     430F
     1.4104
     
    Verspaanbare variant van 430, geschikt voor draadsnijden.  
     434
     1.4113
     
    Variant van 430 met weerstand tegen atmosferische corrosie, in aanwezigheid van stofkagen en winterse wegcondities. Diverse autocarrosserie-onderdelen.
     Martensitische typen
     403
     1.4000
     
    Vergelijkbaar met 410. Kan worden afgeschrikt in olie of lucht. Getrapt harden is mogelijk. Hardheden tot circa 42 HRC. Kan worden ontlaten ten einde een breed scala van sterktes en kerfslagtaaiheden te verkrijgen. Hard zer diep door. Bezit goede corrosieweerstand. Is gevoelig voor spanningscorrosiescheuring in corrosieve milieus bij een voor die milieus kenmerkend spanningsniveau. Magnetisch in alle toestanden. Redelijk verspaanbaar. Oxidatievast tot 815°C. Stoomturbineschoepen en aanverwante toepassingen.
     410
     1.4006
     
    Bestand tegen corrosie en hoge temperatuur. Hardbaar tot 42 HRC (zie ook onder 403). Hoog gehalte aan legeringselementen veroorzaakt trage faseomzettingen, maar is goed hardbaar. Om deze reden wordt maximale hardheid bereikt tot in het centrum van het werkstuk door afschrikken aan lucht bij wanddikten tot 300 mm. Zeer geschikt voor getrapt harden. Machineonderdelen; pompassen; bouten; lagerbussen; kolenstorters; bestek; onderdelen van straalmotoren; mijnbouwmachines; geweerlopen; schroeven; kleppen.
     416
     1.4005
     
    Verspaanbare variant van 410. Oxidatievast tot 760°C. Bouten en moeren; schroeven; klinknagels.
     420
     1.4021
     
    Variant van 410 met hoger koolstofgehalte. Hard diep door. Hardbaar tot 500 HB. Zeer geschikt voor getrapt harden. Magnetisch in alle toestanden. Optimale corrosievastheid in geharde en ontlaten toestand. Bestek; chirurgische instrumenten; kleppen; slijtvaste onderdelen; handgereedschap; groentehakkers.
     420F
     
     
    Verspaanbare variant van 420.  
     422
     1.4935
     
    Ontworpen voor bedrijfstemperaturen tot 650°C. Bezit zowel hoge sterkte als taaiheid. Er zijn carbidevormers (molybdeen, vanadium en wolfraam) toegevoegd ten behoeve van de sterkte bij hoge temperatuur. Diep doorhardend. Matig tot redelijk verspaanbaar. In alle toestanden magnetisch. Stoomturbineschoepen.
     431
     1.4057
     
    Hardbaar type voor speciale doeleinden. Wordt vooral daar gebruikt waar hoge mechanische sterkte wordt geeist. Bezit betere corrosieweerstand dan de typen 410, 420, 430 en 440. Geschikt voor getrapt harden. Ontlaten tussen 370 en 570°C is niet aan te raden. Diepkoelen heeft een gunstige invloed. Hardheid in zachtgegloeide toestand 22-30 HRC. Magnetisch in alle toestanden. Slecht verspaanbaar Vliegtuigonderdelen; stoterstangen; papiermachines; bouten.
     440B
     1.4112
     
    Beter hardbaar dan type 420. Taaier dan type 440C. Bezit goede corrosievastheid, vooral in geharde en ontlaten toestand. Geschikt voor getarpt harden. Magnetisch in alle toestanden. Slecht verspaanbaar. Bestek; onderdelen van afsluiters; lagers in instrumenten.
     440C
     1.4125
     
    Bezit van alle hardbare typen de hoogst bereikbare hardheid. Goede corrosieweerstand, vooral in geharde en ontlaten toestand. Geschikt voor getrapt harden. Magnetisch in alle toestanden. Slecht verspaanbaar. Kogels; lagers; uitstroomopeningen; afsluiteronderdelen; slijtstukken van pompen.
     Precipatiehardende typen
     630(17-4PH)
     1.4542
     
    Martensitische structuur. Verenigt hoge sterkte en hardheid met goede corrosieweerstand. Kan wordne gehard via een enkele warmtebehandeling bij relatief lage temperatuur, waarbij vrijwel geen oxidehuis ontstaat en geen vervorming optreedt. Vliegtuigonderdelen; tandwielen; bestek; assen.
     631(17-7PH)
     1.4532
     
    Variant van 631 met hogere mechansiche sterkte.  
     633(AM-350)
     
     
    Semi-austenitische structuur. Wordt doorgaans geleverd in zachtgegloeide toestand. Na sterke koudvervorming kan een tweede zachtgloeiing nodig zijn. Onderdelen van vliegtuigmotoren.
     634(AM-355)  
     
     
    Semi-austenitische structuur. Indien geleverd als plaat, verkeert het in de oplosgegloeide toestand of is het oplosgegloeid en koudgewalst. Staf wordt meestal in oververouderde toestand geleverd ter verbetering van de verspaanbaarheid. Vliegtuigonderdelen; afsluiters; turbineonderdelen.
     660(A 286)
     1.4980
     
    Austenitische structuur. Behoudt hoge sterkte en goede corrosieweerstand bij bedrijfstemperaturen tot 700°C. Lucht- en ruimtevaart; oliewinning.

     

12